K.B. van 9 januari 2013

 

1. Voor het dragen van veiligheidsgordels: inbreuk tweede graad

  • De bestuurder en de passagiers van auto`s die aan het verkeer deelnemen, moeten de veiligheidsgordel dragen, op de plaatsen die ermee zijn uitgerust (art. 35.1.1, lid 1, wegcode);
  • De bestuurder en de passagier van motorvoertuigen die aan het verkeer deelnemen andere dan auto's, moeten de veiligheidsgordel dragen op de plaatsen die ermee zijn uitgerust (art. 35.1.1, lid 6, eerste zin, wegcode);
  • De veiligheidsgordel wordt gebruikt op een wijze die de beschermende werking ervan niet negatief beïnvloedt of kan beïnvloeden (art. 35.1.3, wegcode);
  • Het aantal inzittenden van een auto mag niet meer bedragen dan de som van het aantal plaatsen uitgerust met een veiligheidsgordel en van het aantal plaatsen die daarmee niet behoeven te zijn uitgerust (art. 44.1, lid 3, wegcode);
  • De plaatsen uitgerust met veiligheidsgordels moeten bij voorrang worden ingenomen (art. 44.1, lid 4, wegcode).

2. Voor het verkeerdelijk gebruik van kinderzitjes: inbreuk derde graad

  • In auto`s die aan het verkeer deelnemen, moeten kinderen van minder dan 18 jaar en kleiner dan 135 cm vervoerd worden in een voor hen geschikt kinderbeveiligingssysteem (art. 35.1.1, lid 2, wegcode);
  • Op de zitplaatsen die niet zijn uitgerust met een veiligheidsgordel worden geen kinderen vervoerd van minder dan 3 jaar. Op de zitplaatsen voorin die niet zijn uitgerust met een veiligheidsgordel worden geen kinderen vervoerd van minder dan 18 jaar en kleiner dan 135 cm (art. 35.1.1, lid 3, wegcode);
  • In taxi`s waarin geen kinderbeveiligingssysteem aanwezig is, worden kinderen van minder dan 18 jaar en die kleiner zijn dan 135 cm op een andere zitplaats dan een van de zitplaatsen voorin in het voertuig vervoerd (art. 35.1.1, lid 4, tweede zin, wegcode);
  • Kinderen van minder dan 18 jaar worden niet in een naar achteren gericht kinderbeveiligingssysteem op een passagierszitplaats met een voorairbag vervoerd, tenzij deze airbag is uitgeschakeld of automatisch op toereikende wijze wordt uitgeschakeld (art. 35.1.1, lid 5, wegcode);
  • In motorvoertuigen die aan het verkeer deelnemen, andere dan auto`s, moeten de kinderen van minder dan 3 jaar vervoerd worden in een voor hen geschikt kinderbeveiligingssysteem. Kinderen van 3 jaar of meer en minder dan 8 jaar moeten worden vervoerd in een voor hen geschikt kinderbeveiligingssysteem, of de veiligheidsgordel dragen (art. 35.1.1, lid 6, wegcode);
  • Op een tweewielige bromfiets of een motorfiets met een maximale cilinderinhoud van 125 cm3, moeten kinderen van drie jaar of meer en minder dan acht jaar worden vervoerd in een voor hen geschikt kinderbeveiligingssysteem (art. 35.1.1, lid 7, wegcode);
  • Kinderen onder de drie jaar mogen niet worden vervoerd op een tweewielige bromfiets of op een motorfiets; kinderen van drie jaar of meer en minder dan acht jaar mogen niet worden vervoerd op een motorfiets met een cilinderinhoud van meer dan 125 cm3 (art. 35.1.1, lid 8, wegcode);
  • Op een motorfiets met zijspanwagen moeten kinderen van minder dan acht jaar worden vervoerd in een voor hen geschikt kinderbeveiligingssysteem dat geplaatst is in de zijspanwagen van de motorfiets (art. 35.1.1, lid 9, wegcode);
  • In voertuigen bestemd voor het vervoer van personen met ten hoogste acht zitplaatsen, die van de bestuurder niet meegerekend, en in voertuigen bestemd voor het vervoer van goederen met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 3,5 ton, wanneer het na installatie van twee kinderbeveiligingssystemen niet mogelijk is nog een derde kinderbeveiligingssysteem te installeren en deze beveiligingssystemen in gebruik zijn, mag op de andere zitplaatsen dan de zitplaatsen voorin in het voertuig een derde kind van 3 jaar of ouder en kleiner dan 135 cm worden vervoerd, indien het de veiligheidsgordel draagt (art. 35.1.2, lid 1, wegcode);
  • In geval van incidenteel vervoer over korte afstand, in voertuigen bestemd voor het vervoer van personen met ten hoogste acht zitplaatsen, die van de bestuurder niet meegerekend, en in voertuigen bestemd voor het vervoer van goederen met een maximale toegelaten massa van ten hoogste 3,5 ton waarin geen of een onvoldoend aantal kinderbeveiligingssystemen beschikbaar is, mogen op de andere zitplaatsen dan de zitplaatsen voorin in het voertuig, kinderen van 3 jaar of ouder en kleiner dan 135 cm worden vervoerd, indien zij de veiligheidsgordel dragen. Dit geldt niet met betrekking tot kinderen waarvan een ouder het voertuig bestuurt (art. 35.1.2, lid 2, wegcode);
  • Het kinderbeveiligingssysteem wordt gebruikt op een wijze die de beschermende werking ervan niet negatief beïnvloedt of kan beïnvloeden (art. 35.1.3, wegcode).

Art. 3.33°/1

  • Het aantal inzittenden van minder dan 18 jaar en kleiner dan 135 cm van een auto mag niet meer bedragen dan de som van het aantal plaatsen dat is uitgerust met een veiligheidsgordel of een goedgekeurd kinderbeveiligingssysteem en van het aantal plaatsen die daarmee niet behoeven te zijn uitgerust (art. 44.1, lid, wegcode);
  • De plaatsen uitgerust met kinderbeveiligingssystemen moeten door inzittenden van minder dan 18 jaar en kleiner dan 135 cm bij voorrang worden ingenomen (art. 44.1, lid 4, wegcode).

Art. 3.49°

Het is verboden kinderbeveiligingssystemen te gebruiken die niet beantwoorden aan de vanaf 1 september 2006 van toepassing zijnde normen (art. 85.3, lid 1, wegcode).
 

Nog vragen?

Heeft u na het surfen door onze website nog vragen of wenst u concrete informatie te ontvangen, aarzel dan niet om met ons contact op te nemen en we zullen u binnen 24h contacteren (weekdagen). U kan ons contact center tijdens de kantooruren ook bereiken op het nummer 09/265.00.65.

Neem contact met ons op

Vraag ons gratis advies

Vragen over een overtreding of een ongeval? Hulp nodig bij dagvaarding?

Onze experten staan klaar om gratis uw vragen te beantwoorden! Contacteer ze via:

Wij zijn bereikbaar 7/7, elke dag van 08.30 tot 22.00, ook tijdens het weekend.

Actueel

 1 op 5 jonge bestuurders rijdt maandelijks onder invloed van lachgas

Dinsdag 08 Februari 2022

1 op 5 jonge bestuurders rijdt maandelijks onder invloed van lachgas

Uit een onderzoek van VIAS blijkt dat 6% van de Belgische bestuurders minstens 1x per maand met de auto rijdt nadat hij of zij lachgas heeft gebruikt. Bij jonge bestuurders ligt dit percentage zelfs een stuk hoger. Lachgas is dan wel niet detecteerbaar door een test, maar het heeft wel een grote invloed op de rijvaardigheid en verkeersveiligheid.

Lees meer
 Boetebrief wordt duidelijker, moderner en transparanter

Maandag 07 Februari 2022

Boetebrief wordt duidelijker, moderner en transparanter

Sinds 2022 zien de onmiddellijke inningen, ook wel beter bekend als de ‘boetebrief’ er in België anders uit. Met deze wijziging was het de bedoeling om de onmiddellijke inningen moderner, duidelijker en beter aangepast aan de overtreder te maken. Het doel was om ervoor te zorgen dat het voor de overtreder eenvoudiger en sneller is om de brief te lezen en de boete te betalen.

Lees meer
 De privatisering van de trajectcontroles bekeken vanuit een juridisch standpunt

Dinsdag 14 December 2021

De privatisering van de trajectcontroles bekeken vanuit een juridisch standpunt

De verruiming van de GAS-Wet geeft gemeenten de mogelijkheid om voortaan ook beperkte snelheidsovertredingen binnen het eigen grondgebied te bestraffen met een administratieve sanctie. Vijf gemeenten sloten meteen een contract met een aantal privébedrijven om binnen deze nieuwe bevoegdheid trajectcontroles op hun grondgebied te voorzien. Een beperkte investering voor de lokale overheid dus, die als kleine speler logischerwijs het comparatief voordeel verliest. Het idee dat verkeersboetes het voorwerp uitmaken van een particulier verdienmodel, beroerde de gemoederen en lokte bij experts en menig politicus verontwaardiging uit. Los van de politieke bezorgdheden, moet ook vanuit juridisch oogpunt met de grootste omzichtigheid naar een dergelijk samenwerking gekeken worden.

Lees meer
close menu 1u